doen,  exposeren,  muziek

Het belang van de dissonant

Komend weekend doe ik weer meer aan de Kunstroute hier in Zeist. In de aanloop daartoe ben ik muurtje voor muurtje aan het inrichten met de werken die ik het afgelopen jaar gemaakt heb. Het past allemaal zo goed bij elkaar dat ik er ibbelig van word…

Nu ik dit schrijf, kijk ik bijvoorbeeld naar een wandje met daarop een lino, een klein scrapwerkje en een wat groter werk dat ik Nest genoemd heb. Dat is een met wol beklede vorm met een stoffen vierkant in het hart. Het geeft mij een warm en veilig gevoel. Ieder werk afzonderlijk vind ik mooi en ben ik trots op, maar als ik ze zo bij elkaar zie hangen denk ik: is het niet een beetje te goed op elkaar afgestemd? Waar is de edge? Waar is het contrast? Waar is de Dissonant?

Iedere week bij gitaarles wijst mijn leraar me op de dissonant in het stuk. Die moet ik extra hard spelen omdat de noot (of het akkoord) daarna zo mooi kan worden opgelost. De dissonant heeft daarmee een wezenlijke rol in het stuk. En als ik dat hoor tijdens het spelen, dan vind ik dat mooi. Het maakt ook dat de harmonie daarna nog beter voelt.

Afgelopen zomer was ik met mijn partner naar Arthur & Friedrich – een nacht in Bayreuth, een theatervoorstelling van Emma Linssen en Dinda Provily. Arthur Schopenhauer en Friedrich Nietzsche komen elkaar tegen in een theater en wandelen daarna samen naar het station. Die twee filosofen hebben elkaar in het echt nooit kunnen ontmoeten (leefden niet tegelijk op dezelfde plek) maar hebben elkaar vanuit hun verschillende filosofieën wel wat te vertellen.

In het begin zag ik de voorstelling als een crashcourse in het gedachtegoed van beide mannen, maar dat was niet te doen. En gelukkig kon ik dat loslaten en me openstellen voor het verhaal. Waarom ik nu aan deze voorstelling moet denken is omdat de heren op een gegeven moment een muzikant horen spelen. Schopenhauer wil de dissonant niet horen. Krimpt ineen en wil weg. Hij wil dat alles in het leven alleen maar mooi en harmonisch is, daar waar Nietzsche een vurig pleidooi houdt voor de dissonant. Want, zo zegt hij: die heeft evenveel recht op bestaan. Niet alles in het leven hoeft leuk en lief te zijn.

Ik was helemaal op de hand van Nietzsche (van te voren niet gedacht dat ik dat zou kunnen zijn, want ik zag hem als iemand waar ik het sowieso fundamenteel mee oneens moest zijn). Hij zat op de lijn van mijn gitaarleraar. Dat juist de dissonant zorgt voor het contrast, dat je daarna de harmonie doet omarmen. En zijn het niet juist de verschillen die het leven kleur geven?  

Als ik dan weer naar mijn muurtje kijk, besef ik (weer) dat mijn werk wel wat meer contrasten kan gebruiken. Ik heb te veel Schopenhauer in mijn werk. De vormen, de kleuren, de gekozen materialen: het past allemaal wel erg goed bij elkaar. Af en toe zou ik iets kunnen toevoegen dat minder past, waardoor de dingen net wat meer gaan schuren. Dat zou mijn werk ten goede komen.

Ik ga eens even kijken wat ik nog kan aanpakken voor zaterdag. Misschien sommige werken anders combineren of misschien zelfs hier en daar nog iets aan het werk veranderen. Wil je zien hoe het uiteindelijk geworden is? Je bent van harte welkom tijdens de Kunstroute. En ben je benieuwd naar de voorstelling? Die is in reprise.

Leave a Reply

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *