NAU,  ruimtelijk,  textiel

Hoe is het nu met mijn 3D werk?

Ik had jullie al verteld dat ik sinds begin van dit jaar ook 3D aan het verkennen ben. En daar haal ik veel meer plezier uit dan ik van te voren had gedacht. Het voelt als een natuurlijke voortzetting van mijn verkenning, dus dat is wel goed. Ruimte innemen heb ik altijd moeilijk gevonden en met ruimtelijk werk daag ik mezelf dus wel echt uit.  

De vraag of ik nu dan dus ‘beeldhouder’ ben, is helemaal niet relevant. Ik hoef ook geen 3D werk te blijven maken. Die eeuwige zoektocht naar ‘wat ben ik nu?’ is iets wat ik helemaal moet loslaten. Het ene idee hoort in 3D, maar het volgende idee zou wel weer veel platter kunnen zijn. Ik hoef als kunstenaar helemaal niet te kiezen voor een bepaald medium of materiaal. Ik gebruik wat past bij het idee. Blijkbaar past op dit moment een vorm die meer ruimte in neemt.

Ik maak ik ‘blokken’ van schuimrubber die ik met stof omkleed, kaal gebruik of met wol omwikkel. Daar maak ik dan combinaties van, soms aan elkaar gemaakt, maar ook gestapeld of in elkaar gestoken. Daarnaast maak ik vormen van stof die ik opvul met kussenvulling en ijzerdraad. De ontstane vorm kan ik achteraf in model brengen. Deze werken kosten me de meeste hoofdbrekens omdat het bewerkelijker is en technisch moeilijker.

Op mijn laatste werkbespreking had ik welwillende reacties op mijn 3D werk. Al kreeg ik ook wel de opdracht mee om meer out-of-the-box te gaan denken, de vormen op een minder harmonieuzere manier met elkaar te combineren en meer contrasten aan te brengen. Dus daar is nog een heleboel om te onderzoeken.

Tijdens diezelfde werkbespreking zei de docent tegen een andere student: ‘Bij sculptuur gaat het over de relatie tussen de onderdelen.’ Die uitspraak raakte me: juist dát vind ik interessant. Als ik twee blokken bij elkaar breng, gaan ze een relatie met elkaar aan. Dat boeit me. Waarom is dat zo? Wat is die relatie? Wat kan ik daarmee uitdrukken?

Dat twee elementen samen meer is dan de som, vind ik super interessant. Ook op het platte vlak trouwens. Wanneer je twee elementen hebt getekend, ontstaat er namelijk vanzelf een rest ruimte – de negatieve ruimte – en die doet ook mee. Als ik teken, zie ik daar nieuwe dingen ontstaan, onverwachte maar heel mooie vormen, die me intrigeren. Dat geldt ook voor monoprinten.

Hoe de vormen ten opzichte van elkaar staan, geeft veel informatie. In 3D zie ik dat als emotionele informatie. Sneller nog dan op het platte vlak. Een kleine vorm onder een grote vorm geeft een gevoel van zwaarte, van het dragen van een last, van onderdrukking. Dat zie ik  minder in een tekening, maar voel ik gelijk als ik twee blokken bij elkaar breng. Ik denk dat ik daarom op dit moment zo into de 3D vormen ben 😉

One Comment

  • Meta Vermeulen

    Lieverd wat weer een prachtige analyse! Ik vinden de 3d werken prachtig, je mag nog veel meer ruimte innemen!! 😍💋❤️

Leave a Reply

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *